Bezorgd om mensen

Sonja Callay

15 jun. 2022

Het aantal mensen dat in ons land een beroep doet op de Voedselbanken is afgelopen jaar opnieuw gestegen. In 2021 schoven per maand gemiddeld 177.238 mensen aan voor een voedselpakket. Dat aantal lag nog nooit zo hoog. De Voedselbanken vrezen dat het cijfer dit jaar nog zal oplopen, onder meer door de fors gestegen energieprijzen.

(bron: "Kiezen tussen eten of chauffage" www.vrt.be)


Annemie Vanrompay en Mieke Pieters werkten hun hele carrière in onderwijs. Tegenwoordig zetten ze zich in voor de BOM, Bezorgd Om Mensen. Deze vzw organiseert zowel de voedselbank als de sociale winkel in Tienen, samen met een veertigtal vrijwilligers. Sommigen van hen zijn zelf kansarm. De BOM is neutraal en pluralistisch. Iedereen die nood heeft, is er welkom. Annemie en Mieke wilden ons vooral feiten geven, want die zijn hallucinant. En de toestand verslechtert. Dat pikt ook de media op.

Sinds ons gesprek met Annemie en Mieke lijkt het onderwerp overal aanwezig. VRT NU weidde er een artikel aan, in De Standaard verscheen een paginagrote reportage over de Community Health Workers , … Eindelijk aandacht.


Wie komt er bij de BOM aankloppen?

“Elke week komen er ruwweg drie groepen mensen aankloppen. Ten eerste zijn er mensen met een leefloon die doorgestuurd worden door het OCMW van Tienen, Hoegaarden, Boutersem of Glabbeek.

Ten tweede ontvangen we vluchtelingen die totaal geen inkomen hebben, mensen die van een ziekte-uitkering moeten leven, en jongere mensen die wel degelijk een job hebben maar toch die niet rondkomen. Vooral die laatste groep groeit sterk, vooral door de torenhoge energiekosten. Dat is verontrustend. Daarom doet de BOM voor deze tweede groep zelf een ‘behoefteonderzoek’: als je na aftrek van al je vaste kosten (huur, energie, …) minder dan 10 euro per dag overhoudt voor voedsel, kan je bij hen aankloppen. Voor alleenstaanden ligt de drempel op 11 euro per dag.

Ten slotte is er momenteel nog een derde groep mensen die voedselpakketten mag ophalen: de Oekraïense vluchtelingen die inwonen bij een gastgezin. Zodra zij geregistreerd en ingeschreven zijn, mogen ze komen. Ook deze groep blijft aangroeien. Begin mei, bijvoorbeeld, kwamen er op één dag vier nieuwe gezinnen inschrijven.”


Wat mogen mensen verwachten?

“Twee keer per week krijgen ze een voedselpakket. Op maandag zit daar voor één dag vlees, groente en fruit in, en op woensdag krijgen ze twee maaltijden. Een aantal basisproducten zoals melk, bloem of rijst wordt elke keer aangeboden. Ook mag iedereen elke keer één of twee broden meenemen. De meeste mensen komen een hele week rond met het voedsel dat ze van ons krijgen.

Daarnaast heeft de BOM ook een sociale winkel waar behoeftigen voor een prikje gedoneerde en zorgvuldig geselecteerde kledij en huisraad kunnen kopen.

De BOM neemt ook initiatieven om mensen meer zelfstandig en zelfredzaam te maken, en om hen uit hun isolement te halen. Zo is er bijvoorbeeld ZIGZAG, naailes met taalondersteuning voor laaggeschoolde vrouwen. En we regelen het inschrijvingsgeld voor de laagdrempelige cursus Nederlands van VOLT, het lokale Centrum voor Volwassenonderwijs. Daar nemen overigens ook geboren en getogen Vlamingen aan deel die niet kunnen lezen of schrijven.

Voor de rest kunnen mensen altijd binnenspringen voor een babbeltje bij een kopje koffie.

Er zijn ook altijd twee Community Health Workers aanwezig die door de stad zijn aangesteld. Zij helpen mensen met papieren, facturen, ... Ook organisaties zoals SAAMO (samenlevingsopbouw) en CAW (Centrum Algemeen Welzijnswerk) zijn beschikbaar in de BOM. Terwijl de ouders daarmee praten, kunnen de kinderen in het speelhoekje.”



 

Enkele feiten

  • Op een rustige bedeling komen 150 à 160 families aankloppen. Dat komt neer op 600 mondjes te vullen. Eind mei 2022 waren dat er 100 meer dan in het begin van de maand.

  • Meestal komen op maandag en woensdag dezelfde mensen over de vloer. Wie één dag werkt, krijgt op de andere dag twee porties mee.

  • In een kleine provinciestad als Tienen deelt de BOM 65.000 maaltijden per jaar uit, maar er zijn ongetwijfeld mensen die niet genoeg te eten hebben maar die de weg naar de BOM niet vinden.

  • In totaal werken zo’n 40 vrijwilligers bij de BOM. Op maandag en woensdag zijn er telkens 10 vrijwilligers aan de slag voor de verdeling van het eten, en 3 voor onthaal en administratie.


 

Waar vind je de BOM?

“Momenteel is de BOM gevestigd in een opslagplaats op het industrieterrein van Tienen. Die ruimte krijgen we in bruikleen van Blankedaele maar ze is niet ideaal. Het gebouw ligt redelijk afgelegen en is moeilijk bereikbaar zonder auto; en die hebben mensen meestal wel nodig als ze het eten voor hun gezin komen ophalen. Bovendien heeft de locatie al twee keer onder water gestaan en kampten we al met muizenplagen, waardoor we heel veel spullen moesten weggooien. Doodjammer.

Een andere locatie vinden is niet evident. We hebben immers een enorme oppervlakte nodig. En bovendien heerst er een ‘not in my backyard’-mentaliteit: niemand wil een lange rij behoeftige mensen twee keer per week zien aanschuiven voor eten. Om niet te spreken over de ‘overlast’ van ’al de ‘dikke Mercedessen’ waar die mannen in rijden’…”


 

Waar komt alles vandaan?

40% van Europa

Zij leveren zo’n 40 ton levensmiddelen per jaar (via het OCMW): droge voeding (bloem, koffie, …), conserven, cornflakes, confituur, shampoo, maandverband, tandpasta, …

40% van Resto du Coeur

Ook zij leveren zo’n 40 ton per jaar: verse producten van grootwarenhuizen die bijna vervallen producten uit de rekken halen, verse groenten en fruit (ook donaties van Delhaize en Colruyt), merkproducten (bedrijfsoverschotten, fouten op etiket…), brood, gebak (overschotten van lokale bakkers) en pampers (aangekocht door Resto, en zeer goedkoop verkocht)

20% van Carrefour en Aldi

Zij leveren zo’n 20% van de verse (bijna verlopen) producten.


Naast deze grote schenkers, zijn er ook nog:

  • Bruzelle, een organisatie die werkt rond menstruatiearmoede, die voor maandverband zorgt;

  • de voedselbank van Vlaams-Brabant en Brussel die een keer per maand een pakket droge voeding bezorgt;

  • een lokale bakker, een lokaal biobedrijf een een vleesverwerkend bedrijf die hun overschotten wegschenken en zorgen voor een welkome afwisseling in het aanbod.


Wat ontbreekt om toch min of meer volwaardige maaltijden aan te bieden, koopt de BOM zelf aan – steeds lokaal. Dat kan dankzij de donaties die de BOM ontvangt van bijvoorbeeld serviceclubs zoals Lyons of Kiwanis, en van individuele goedhartige mensen. Jammer genoeg worden die bedragen steeds kleiner.


 

Praktische uitdagingen

  • Gedoneerde goederen moeten worden opgehaald wanneer de schenker dat vraagt. Het is soms gekkenwerk om een vrijwilliger te vinden die én met een bestelwagen kan rijden én bereid is om op soms onmogelijke uren eten op te halen én in staat is om met zware bakken te zeulen.

  • Alle verse producten, behalve natuurlijk groenten en fruit, gaan meteen de diepvries in en komen er pas uit als het tijd is om ze uit te delen. De BOM heeft dus immense koel- en vriescellen die veel energie vreten.

  • Er wordt steeds minder gedoneerd aan Resto du Coeur, vooral de laatste maanden. Steeds meer bedrijven zetten immers in op duurzaamheid. Dat is fantastisch, maar het betekent ook: minder overschotten. Het gaat om een daling van rond de 30%.

  • Steeds meer mensen zijn gedwongen terug te vallen op de voedselbank. Tijdens corona verloren veel mensen hun job, en de hoge energieprijzen zijn vooral voor alleenstaanden vaak de laatste druppel. Zodra ze hun energiefacturen niet meer kunnen betalen, is er geen uitweg.